Het apparaat dat het mogelijk maakt om gesprekken op te bouwen tussen verschillende telefoontoestellen noemen we een telefooncentrale.
Vaak is de telefooncentrale te vinden op de meest strategische plek. Zo kan een belangrijke plek zijn dat het onderhoud gemakkelijk door je eigen techneuten kan worden gedaan waardoor je kosten kunt besparen.
Je kunt telefooncentrales wel in ieder zijn smaak en maat krijgen. De types die we hier gaan beschrijven zijn de bedrijfscentrales die bedrijven dus inzetten om hun telefoonverkeer te regelen. Men noemt deze bedrijfscentrales ook wel PBX of PBAX. Deze afkorting betekend Private Automatic Branche Exchange.
In het begin van de telefooncentrales moest een telefoniste handmatig de verbinding opbouwen. Relatief snel erna kwam de eerste automatische telefooncentrale waar men geen telefoniste meer hoefde in te schakelen om door te verbinden. Het was zelfs een begrafenisondernemer die telefonistes ervan verdacht dat men klanten naar zijn concurrent doorverbond dat hij de automatische centrale heeft ontworpen. Dit ontwerp is tot de jaren 1980 in gebruik gebleven bij veel telecombedrijven. Je kan de andere persoon bellen door het telefoonnummer in te geven, zoals we nu dat ook gewend zijn. Je kunt in de beginperiode een telefoonnummer kiezen door het nummer te draaien op een kiesschijf, later werd de kiesschijf vervangen door een numerieke keuze mogelijkheid en moest je de cijfers indrukken.
Bij het kiezen van een nummer hoor je tonen in de vorm van piepgeluiden. Dit noemt men DTMF. DTMF staat voor Dual Tone Multi-Frequency.
In de jaren 1980 was het nog wettelijk verboden om zelf apparatuur aan te sluiten op PSTN, PSTN is het openbare telefoonnetwerk. Naderhand is dit vrijgegeven en met internet heb je hier niets meer mee te doen.
Ben je geinteresseerd in telefooncentrales, lees er meer over op de link in dit artikel